Bestuurskracht – Column

Bestuurskracht

Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant hebben een onderzoek ingesteld naar de bestuurskracht van de gemeente Haaren. Dit onderzoek is ingesteld om het functioneren van de gemeente Haaren in brede zin te meten. Dit onderzoek kan de provincie gebruiken om een zogenaamde Arhi-procedure op te starten (Arhi staat voor algemene regels herindeling). Met die procedure moet een opsplitsing van de gemeente Haaren formeel gestart worden.

Hierbij geef ik u een aantal conclusies:

  • De gemeente Haaren heeft onvoldoende bestuurskracht om haar taken zelfstandig uit te voeren.
  • De belangen van de burgers van de gemeente Haaren worden daarmee slecht gediend.
  • De gemeente Haaren investeert te weinig in de relaties met de buurgemeenten.
  • Om de belangen van de regio en de dorpen van de gemeente Haaren te dienen, moet er zo snel mogelijk opgesplitst worden.
  • De enige vraag die aan de inwoners van de gemeente Haaren voorgelegd moet worden is bij welke gemeente zij willen aansluiten bij de herindeling.

Dit zijn pittige conclusies. Klopt, echter, ik heb de uitkomsten van het onderzoek nog niet. Dit zijn conclusies die ik, ondergetekende, bedacht heb. Het zijn conclusies, waarvan ik verwacht dat de provincie ze met andere bewoordingen zal trekken. Laat ik heel duidelijk zijn: ik heb deze conclusies wel opgeschreven, maar dit sluit absoluut NIET aan bij mijn oordeel en mening.

Toch denk ik dat dit de uitkomst van het onderzoek wordt. De reden daarvoor is dat ik geen vertrouwen heb in de “onafhankelijkheid” van het onderzoek. De gedeputeerde heeft al meermaals te kennen gegeven dat zij vindt dat Haaren zo snel mogelijk opgesplitst moet worden. Met andere woorden zij verkondigt al een tijd iets, wat ze nu nog moet onderbouwen. Dat is de verkeerde volgorde!!! Eerst onderzoeken, dan roepen!!!

Dit is uiteraard niet de enige reden, waarom ik er weinig vertrouwen in heb. Dit wantrouwen is mede gestoeld op:

  • Het consequent verkeerd uitleggen van ons raadsbesluit (ook door de gedeputeerde), ondanks dat we dit herhaaldelijk uitgelegd hebben.
  • Het gewicht dat toegekend wordt aan een ander rapport van de provincie (rapport Augusteijn). Terwijl dit in anderhalve maand opgesteld is, en als je de interviews en algemene uitleg weghaalt er nauwelijks tekst overblijft. Daarnaast staat er ook nog een flink aantal onjuistheden / fouten in.
  • Het negeren van, dan wel het selectief shoppen uit de rapportage van onderzoeksbureau Wagenaar en Hoes. Een rapportage die gestoeld is op anderhalf jaar onderzoek en interactie met onze inwoners. De rapportage op basis waarvan onze besluiten (mede) genomen zijn. Een rapportage die al veel zegt over onze bestuurskracht en hoe die gediend kan worden.

De ellende is dat we wel te maken hebben met deze gedeputeerde. Dat ze zich ingegraven heeft en niet terug wil of kan.

Tenzij ik me schromelijk vergis in de uitkomst van het onderzoek. Laten we het hopen.

Peter den Ouden
Raadslid Samenwerking’95